Kop
Roosenboompjes
Maak hier uw keuze
uit een Roosenboompje
 
         
         

Vorige 35. Kom! Help mee oogsten! Volgende

MatteŁs 9:37b (NBV)
De oogst is groot, maar er zijn weinig arbeiders.

Oogsten Als je zomers door de velden loopt dan verbaas je je over hoe mooi de gewassen erbij staan. De boeren hebben bepaaldelijk hun best gedaan om via een bont gekleurde lappendeken (lees bouwplan) alle kleuren van de regenboog eer aan te doen. Soms zijn vele contrastkleuren broederlijk naast elkaar aanwezig en dringen ze zich aan elkaar op om elkander qua kleur de loef af te steken.

Zo ook dit jaar. Natuurlijk lopen de kenners al keurend door de velden, beramend hoe groot de oogst dit jaar zijn zal. Als het weer meezit dan..... en dan komen er getallen tevoorschijn waar een leek, zoals ik, van duizel. Zo in de trant van zoveel van dit en zoveel van dat. Uitval wordt op zoveel geschat dus blijft er minimaal - en dan weer een astronomisch getal verminderd met drie nullen - zodat er in tonnen toch nog een grote hoeveelheid producten overblijft.

De oogst binnenhalen is op zich al een hele belevenis. Reeds 's morgens bij het krieken van de dag is men in werktenue aanwezig en bereid om de handen uit de mouwen te steken. Het blijkt echt hard werken te zijn, vooral als de zon weer eens zijn best doet om iedereen extra op te warmen, zodat menig zweetdruppeltje op de door de zon rood verbrande gezichten parelt. Met gezang en muzikale, hoofdzakelijk mechanische klanken klinkt het geroezemoes van mensen en machines door de velden. De lucht trilt en zindert van verwachting.

De klok tikt gestaag de uren weg en de oogst is nog steeds niet in z'n geheel van het veld binnengehaald. Diverse buren, vrienden en kennissen komen meehelpen - de aarde beeft van beweeglijkheid. Over en weer hoort men de blijde kreten en hier en daar klinkt luid gezang en vrolijk gelach. Gestaag werkt men door - volle wagens rijden af en lege wagens aan.

De dag loopt ten einde en voordat het donker is, bekijkt men met volle tevredenheid wat er zoal die dag geoogst is en in grote hoeveelheden in de schuren en daarbuiten ligt opgeslagen. Men keurt, voelt en bekritiseert de waren en hier en daar gist men naar de opbrengst en mogelijke geldelijke waarde. Dan keert men tevreden huiswaarts want morgen wacht er weer een zware en arbeidzame dag.

Wat me wel het meest verbaasde is het enthousiasme van de vele werkers om hard te werken, hun enorme inzet en bereidwilligheid om te oogsten, om allerlei ogenschijnlijke niet nuttige doch noodzakelijke karweitjes te verrichtten met slechts ťťn belangrijk doel voor ogen: "Werken zolang het dag is"! Ook de onderlinge samenwerking sprak mij erg aan. Geen gelanterfant of elkaar in de weg lopen. Het leek wel of iedereen precies wist waar hij zijn moest en wat er van hem verwacht werd.

Later, toen de oogst binnengehaald was, proefde ik een diepe dankbaarheid bij allen die zich zo hadden ingezet. Vandaar dat er een groot feest werd gehouden met muziek en dans en veel vrolijkheid. Die zondag - dankdag voor de oogst - lagen er vele producten op het podium uitgestald zodat de anderen - niet boeren - konden meedelen in de feestvreugde ťn werd bovenal God niet vergeten - de gever van al het goede.

Een verhaal uit een boek? Nostalgie of ver verleden? Nee, ťcht gebeurd, in deze tijd, zomaar ergens in de lage landen.

Zing alle onderstaande liederen, uit opwekking, mee:
249    "Heer, wat een voorrecht om in liefde te gaan",
403    "Kom en help ons oogsten"
404    "Wij gaan op weg met brandend hart".

Rob Roosenboom