Kop

Profetieën over Jezus in het Oude Testament

Inleiding

De gebruikte Bijbelteksten op deze pagina kunt u zichtbaar maken, door er met de muis overheen te gaan. Tenzij er anders is vermeld, is er voor deze teksten is gebruik gemaakt van de Nieuwe Bijbel Vertaling (NBV).

In het Oude Testament komen reeds zeer vele verwijzingen naar de komende Messias voor. Ze verwijzen naar Zijn komst, maar ook naar wat Jezus zou gaan beleven of doen. De dode zee rollen, die de vorige eeuw gevonden werden, en die onder meer de Bijbelboeken van het Oude Testament omvatten, zijn eeuwen voor de komst van Jezus geschreven, zo is door wetenschappelijk onderzoek vastgesteld. Het is gebleken, dat het Oude Testament van onze Bijbel nauwkeurig overeenstemt met deze dode zee rollen, en dat al deze profetieën dus gedaan zijn, lange tijd voordat Jezus op aarde rondwandelde. Al deze profetieën, zijn uitgekomen, toen Jezus hier op aarde was. Jezus zelf heeft gezegd, dat alles wat er in de geschriften over Hem geschreven staat vervuld moest worden (Luc 24:44).

Dat alles zo nauwkeurig uitgekomen is, wat honderden jaren ervoor reeds geprofeteerd was, kan maar één ding betekenen:
Al deze profetieën berusten op waarheid en komen van God, zodat Jezus wel Gods Zoon moet zijn, die voor onze redding naar de aarde gekomen is, door voor ons te lijden en sterven aan het kruis, maar ook weer opgestaan is!

Soorten profetieën

De profetieën over Jezus in het Oude Testament laten zich onderscheiden in drie soorten.

  1. Aankondigingen over Zijn komst.
    Dit zijn algemene vermeldingen aangaande de belofte, dat de Messias komen zou. Dit zijn soms hele duidelijke aankondigingen, maar ook wordt dit regelmetig in bedekte termen gedaan. In de paragraaf "Algemene aankondigingen" worden deze profetieën vermeld.
  2. Vermeldingen van specifieke feiten.
    Dit zijn profetieën, waarin een aantal kenmerken van Jezus vermeld worden. Deze kenmerken zijn als vermelding terug te vinden in het Nieuwe Testament. In de paragraaf "Specifieke feiten" worden deze profetieën vermeld, alsmede het gedeelte in het Nieuwe testament, waarin dit feit eveneens beschreven wordt.
  3. Aankondigingen van specifieke gebeurtenissen
    Dit zijn vermeldingen, van gebeurtenissen met betrekking tot Jezus. De vervulling van iedere profetie in het Oude Testament in deze categorie kan terugvinden in de Evangeliën, waarin het leven van Jezus hier op aarde opgetekend staat of een enkele keer in een ander gedeelte van het Nieuwe Testament. In de paragraaf "Specifieke gebeurtenissen" worden deze profetieën vermeld, alsmede de schriftgedeelten, waarin de vervulling hiervan beschreven wordt.
Als men de grote hoeveelheid profetieën beschouwt, die alle één voor één vervuld zijn, kan men niet anders dan tot de conclusie komen, dan dat Jezus de lang ter voren beloofde Messias was, de Zoon van God, die op aarde gekomen is om de mensen te redden van de eeuwige dood, om hun eeuwig leven te schenken!

Algemene aankondigingen

Omschrijving Profetie
Het zaad van de vrouw (= Jezus) zal Satan vermorzelen Gen 3:15
Alle mensen gezegend door Abrahams nageslacht (= Jezus) Gen 12:2-3 (Zie ook Hand 3:25-26)
Alle volken gezegend door Abrahams nageslacht (= Jezus) Gen 18:18, Gen 22:18, Gen 26:4 (Zie ook Hand 3:25-26)
Aankondiging grote profeet Deut 18:15

Specifieke feiten

Omschrijving Profetie Vervulling
Hij is van de stam van Juda Gen 49:8-10 Luc 3:23-33, Hebr 7:14
Hij is van het nageslacht van David 2 Sam 7:16, Jer 23:5 Mat 1:1, Openb 22:16
Hij is een nazaat van Isaï Jes 11:1-2 Mat 1:1+6
Hij is de Zoon van God Psalm 2:7 Mat 3:17, Luc 1:32
Hij is er ook voor de heidenen Jes 42:1, Jes 49:6 Mat 12:17-18, Hand 11:1, Hand 11:20-21

Specifieke gebeurtenissen

Omschrijving Profetie Vervulling
Hij werd als kind geboren maar was ook God zelf Jesaja 9:5 Luc 2:6-7, Joh 1:1+14 Joh 20:28
Hij werd geboren uit een maagd Jes 7:14 Mat 1:20b-23
Hij werd geboren in Betlehem Micha 5:1 Mat 2:1, Luc 2:4-7
Hij ontvangt de troon van David Jes 9:6 Luc 1:32-33
Herodus probeerde Hem te doden door het vermoorden van alle jongetjes van 0 t/m 2 jaar Jer 31:15 Mat 2:16-18
Hij werd naar Egypte meegenomen Hos 11:1 Mat 2:13-15
Hij werd gezalfd met de Heilige Geest Jes 11:2 Mat 3:16-17
Hij werd aangekondigd door de boodschapper van de Heer (Johannes de Doper) Jes 40:3-5, Mal 3:1 Mat 3:1-3, Mat 11:10, Mar 1:2-4, Luc 3:3-6, Luc 7:27
Bereid de weg van de Heer Jes 40:3-5 Mat 3:1-3, Luc 3:3-6
Hij ging naar Galilea om te prediken Jes 8:23b-9:1 Mat 4:12-17
Hij verrichtte wonderen Jes 29:18, Jes 35:4-6 Luc 7:22, Mat 9:35
Hij predikte goed nieuws Jes 61:1-2a Luc 4:14-21
Hij is nederig, vriendelijk en roemde zichzelf niet Jes 42:1-2 Mat 12:17-19, Mat 11:29a
Hij geeft rust aan de mensen Jes 63:14b Mat 11:28-30
Hij zuiverde de tempel Mal 3:1 Mat 21:12-13
Hij ging als koning op een ezel Jeruzalem binnen Zach 9:9 Mat 21:4-9
Hij werd door de Joden afgewezen Psalm 118:22 1 Pet 2:7-8
Hij werd verraden door een vriend Psalm 41:10 Luc 22:3-4, Joh 13:18-19, Joh 13:21-27
Hij werd verkocht voor 30 zilverstukken Zach 11:12 Mat 26:14-16
Het verradersgeld was voor de pottenbakker Zach 11:13 Mat 27:5-7
Arrestatie van Jezus met het zwaard Zach 13:7 Mat 26:55-56
Hij zweeg tegen Zijn aanklagers Jes 53:7 Mat 27:12-14
Hij werd bespot Psalm 22:8-9 Mat 27:28-31
Hij werd geslagen Jes 52:14 Mat 26:67, Mat 27:29b-30, Marc 14:65, Marc 15:19, Luc 22:63-64, Joh 18:22
Hij werd bespuugd Jes 50:6 Mat 26:67, Mat 27:29b-30, Marc 14:65, Marc 15:19
Hij werd gegeseld Jes 53:5, Jes 50:6 Mat 27:26, Luc 23:22
Hij werd gekruisigd (Merk op, dat toen Zacharia deze profetie deed, ± 500 jaar voor Christus, het niet gebruikelijk was dat de doodstraf door een kruisiging voltrokken werd. Volgens de Joodse Wet moest de doodstraf door steniging uitgevoerd worden (Zie Lev. 24:13-17, Deut 17:2-7, Deut 21:18-21). De dood door kruisiging werd door de Romeinen ingesteld, die pas ± 70 jaar voor Christus, 430 jaar later, Israël hebben bezet.) Zach 12:10 Mat 27:35, Joh 19:16-18, Joh 19:37
Zijn handen en voeten werden doorboord Psalm 22:16 Luc 24:38-39a
Hij werd tezamen met misdadigers gekruisigd Jes 53:12 Mat 27:38
Hij bad voor Zijn vervolgers Jes 53:12 Luc 23:34a
Hij gaf een roep van verlatenheid Psalm 22:2 Mat 27:46
Hij beval Zijn Geest in Gods handen Psalm 31:6 Luc 23:46
Hij kreeg gal en azijn te drinken Psalm 69:22 Mat 27:34, Luc 23:36
Zijn familie en vrienden stonden veraf Psalm 38:12 Luc 23:49
Zijn zij werd doorboord Zach 12:10 Joh 19:34
Het jaar van Zijn dood 7 x (7+62) jaar (= 483 jaar) na de opdracht tot herbouw van Jeruzalem (Bij deze rekensom wordt een week gerekend als 7 jaar-dagen. Hierbij duurt iedere dag dus een jaar.) Dan 9:25-26a Mat 27:45-50
Hoe laat Hij dood ging Ex 12:6 Mat 27:45-50
Er kwam duisternis over het land Amos 8:9 Mat 27:45
Er werden geen botten van Hem gebroken Ex 12:46, Num 9:12, Psalm 34:20-21 Joh 19:32-36
Hij werd begraven in de graftombe van een rijk man Jes 53:9 Mat 27:57-60
Zijn kleding werd verdeeld en om Zijn rok (= mantel) werd gedobbeld Psalm 22:18-19 Mat 27:35, Joh 19:23-24
Hij is uit de dood opgestaan!! Psalm 16:10 Mat 28:1-6, Marc 16:6, Hand 2:30-32, 1 Kor 15:3-9
Hij is opgestaan na drie dagen (Hier zijn als extra ook twee profetieën uit het Nieuwe Testament opgenomen) Hos 6:2, Joh 2:18-21, Mat 12:38-41 Hand 10:39-41
Hij steeg op naar de hemel Psalm 68:19 Luc 24:50-51, Hand 1:9-11, Ef 4:7-9
Hij zit aan de rechterhand van God Psalm 110:1b Hebr 1:3