524 - Het wonderland
 
1 'k Maak een verre reis naar een wonderland,
Waar de levensboom bloeit aan 't blanke strand,
Waar de eng'len tokk'len op harpen fijn.
Wat een vreugde straks met Jezus daar te zijn.
 
Refrein In dat land (dat zalig land),
Dat zalig wonderland,
In dat land (dat zalig land),
Dat zalig wonderland,
Daar drinkt groot en klein
Uit de Heilsfontein.
Wat een vreugde, straks met Jezus daar te zijn.
 
2 In dat wonderland zal geen nacht meer zijn,
Maar een warme, eeuwige zonneschijn.
Daar wist Jezus zelf onze tranen af,
En vergeten is daar lijden, dood en graf.
 
3 In dat wonderland, aan de glazen zee,
Zal 'k juichen straks met Gods heil'gen mee.
Daar zal 'k Hem aanbidden, mijn trouwe Heer,
En Hem eeuwig dank betuigen, lof en eer!