499 - De weg van het licht
 
1 Eens doolde ik rond, tot de Heiland mij vond,
Mij voerd' op de weg van het licht.
De duisternis vlood, mijn schuld en mijn nood,
Toen ik zag in Zijn schoon aangezicht.
 
Refrein Ik weet, Hij is mijn,
Jezus is mijn, ja Hij is mijn,
Ja, ik weet, Hij is mijn!
Jezus is mijn, ja Hij is mijn!
Ik twijfel niet langer:
Twijfel niet meer, twijfel niet langer.
Ik weet, Hij is mijn!
Ik weet, ja, mijn Heiland is mijn!
 
2 Zijn Bloed wies mij rein, 'k wil de Zijne thans zijn,
Hem volgen op 't pad van het licht.
Mijn oog, eens bekoord door het schijngoud der aard',
Is voortaan op mijn Meester gericht.
 
3 Mijn Jezus is mijn en ik ben de Zijn',
Wij wand'len tezamen in 't licht.
Op 't moeizaam pad houdt mijn hand Hij omvat,
Sterkt Zijn Geest mij tot 't doen van mijn plicht.
 
(De in rood vermelde tekst is de tekst van de tegenzang.)