428 - Toen Jezus kwam in mijn hart
 
1 De wolken verdwenen voor 't licht van de zon,
Toen Jezus kwam in mijn hart.
Hij sprak: „O, mijn kind geef uw leven aan Mij.
'k Verlos u van zonde en smart.”
 
Refrein De leliŽn bloeien in volle pracht.
Het vogelkoor zingt er zo lief en zacht.
Ure vol kracht, vreugd'vol verwacht,
Toen Jezus kwam in mijn jonge hart.
 
2 Ik legde mijn handen, zo hulp'loos en zwak,
In Jezus' doorboorde hand,
En 'k bad: „Vorm, o Heiland, mij, gans naar Uw wil.
Voer mij naar het hemelse land.”
 
3 En 'k ben nu Zijn kind en dat maakt mij zo blij.
Hij schonk mij Zijn liefd' en kracht.
Ik ben nu de Zijn' en Zijn liefde is mijn,
En alles in mij zingt en lacht.
 
4 De bloeiende rozen verspreiden haar geur,
Bestraald door het avondrood.
En 'k kniel voor Hem neer, voor mijn Heiland en Heer,
Die 't eeuwige leven mij bood.