366 - Gered door genade
 
1 Als ik in schoonheid mijn Koning zal zien,
Schitt'rend in glorie en pracht,
Zal 'k Hem aanbidden met lof en met dank,
Prijzen Zijn liefde en macht (en macht).
 
Refrein Vrij, vrij!
Ja ik ben vrij, gered door gena!
Ja, 'k ben gered door genade!
Ja, 'k ben gered door gena, door gena!
Vrij, vrij!
Ja ik ben vrij, gered door gena!
Ja, 'k ben gered door gena (door gena)!
Vrij, vrij!
Ja ik ben vrij, gered door gena!
Ja, 'k ben gered door genade!
Ja, 'k ben gered door gena, door gena!
Glorie voor Jezus! Ik weet: 'k ben gered!
Vrij door het Bloed van het Lam (van het Lam)!
 
2 Lange tijd doold' ik op zondige pan,
Luisterde niet naar Gods stem,
Doch Zijn genade verbrak mijn boos hart.
'k Gaf mij toen gans'lijk aan Hem (aan Hem).
 
3 Nu kan ik juichen: Mijn ziel is gered.
Ere zij 't Lam, ons geslacht!
'k Weet door genade: Mijn schuld is betaald.
Jezus heeft 't voor ons volbracht (volbracht)!
 
(De in rood vermelde tekst is de tekst van de tegenzang.)