308 - O, blijde dag
 
1 'k Doold' eens rond in zond' en droefenis.
Geen sterre straalde op mijn pad.
Toen kwam En vol liefd' en tederheid,
En heeft mijn zwakke hand gevat.
 
Refrein Blijde dag (blijde dag), blijde dag (blijde dag)!,
Toen ik wist dat Jezus had vergeven al mijn schuld.
O, blijde dag (blijde dag), blijde dag (blijde dag)!,
Toen Gods Geest mijn harte heeft vervuld.
 
2 „Kom tot Mij”, zo sprak Zijn dierb're stem.
„Ik ken uw droefheid en geween.
't Bloed des kruises wast uw harte rein.
Ik zend geen arme zondaar heen.”
 
3 'k Ben verlost door 't Bloed van Golgotha,
En 'k zing verheugd tot Jezus' eer.
't Duister week voor 't gouden zonnelicht,
En 'k kniel aan Jezus' voeten neer.