277 - Doet de wapenrusting aan
 

Vers 1
 F
Gij jong'ren, gordt u aan met Gods kracht
Bes  F               G7   C
En trekt de wapenrusting aan.
F
Ja, strijdt de goede strijd des geloofs,
Bes F      G7      F C7   F
En God zal aan uw zijde staan.
Refrein
     F                                           Bes    F
't Schild des geloofs ('t schild des geloofs), omhoog geheven,
               C7                                    F
Breekt ied're pijl (breekt ied're pijl) van satans macht.
                                       Bes   F
Leg in Gods hand (leg in Gods hand) uw ganse leven.
                                           C7    F
Hij schenkt u o- (Hij schenkt u o-) verwinningskracht.
Vers 2
Gordt aan het zwaard des Geestes, Gods Woord,
En draagt de helm des heils vol moed.
Bekleedt u met de waarheid altoos,
Geborgen onder Jezus' Bloed.
Vers 3
Bestrijdt de vijand, vast in 't geloof.
Biedt weerstand aan de boze macht.
't Geloofsgebed wordt immer verhoord.
De Naam van Jezus geeft u kracht.
Vers 4
De Heer gebiedt de golven: „Zwijgt stil”.
De duisternis wijkt voor het licht,
Wanneer ge in 't geloof op Hem wacht,
Uw blik alleen op Jezus richt.