249 - O, zend het vuur!
 
1 De wereld ligt in zond' en schuld.
O, zend het vuur!
Met wrevel is de aard' vervuld.
O, zend het vuur!
Kom met Uw gaven, Heil'ge Geest,
En geef ons weer een Pinksterfeest,
Gelijk het eertijds is geweest.
O, zend het vuur!
 
Refrein Zend het vuur en stromen van zegen.
Kom, daal in onze harten neer,
En schenk ons leven meer en meer,
Opdat wij wand'len tot Uw eer.
O, zend het vuur!
 
2 O, doop ons Heil'ge Geest met kracht,
O, zend het vuur,
Dat wij getuigen van Uw kracht.
O, zend het vuur.
Ontwaak, o Kerk, zo traag en koud.
Gods Geest ontsteekt het dorre hout,
Een vlam nog nooit door u aanschouwd.
O, zend het vuur!
 
3 In 't laatst der dagen zal het zijn,
Gezegend uur,
Dat God zal dopen, groot en klein,
Met heilig vuur.
O Heer, verhaast die blijde stond.
Vervul met lofprijs hart en mond,
Dat men Uw Naam alom verkond'.
O, zend het vuur!