158 - Geen zilver, noch goud
 
1 Geen zilver of goud heeft verlost mijne ziele.
Geen rijkdom van d' aard kon betalen mijn schuld.
Het Bloed van het kruis heeft gereinigd mijn zonden,
Met vrede en blijdschap mijn harte vervuld!
 
Refrein Ik ben gered, doch niet door zilver.
Ik ben gered, ik ben gered, doch niet door zilver.
'k Ben gered, doch niet door goud.
'k Ben gered, 'k ben gered, doch niet door goud.
Ik ben gered door 't Bloed van Jezus.
Ik ben gered, gered door 't Bloed van Jezus.
Dat alleen was mijn behoud.
 
2 Geen zilver of goud schonk mij blijdschap of vrede.
Mijn ziel vond geen rust bij het aardse genot.
Het Bloed van het kruis kocht mij vrij van de wereld,
Verzoende mij, zondaar, voor eeuwig met God.
 
3 Geen zilver of goud heeft de deur mij geopend,
Die toegang verleent tot de heilige stad.
Het Bloed van het kruis schenkt mij rijkdom hierboven,
Geen zilver of goud, doch een hemelse stad.
 
(De in rood vermelde tekst is de tekst van de tegenzang.)