101 - Laat Hem toch in
 
1 Jezus klopt zacht aan de deur van uw hart,
Laat Hem toch in, laat Hem toch in.
Hij wil u schragen en troosten in smart,
Laat Hem, o laat Hem toch in. (Laat Hem in.)
 
Refrein Jezus de Heiland spreekt: open Mij nu,
Zie toch Mijn handen doornageld voor u.
'k Gaf eens Mijn leven voor hen die Ik min,
Laat Mij, o laat Mij toch in. (Laat Mij in.)
 
2 Aarzel niet langer, maar neem Hem nu aan,
Laat Hem toch in, laat Hem toch in.
Laat Hem niet smekend, vol droefenis staan,
Laat Hem, o laat Hem toch in. (Laat Hem in.)
 
3 Hij wil vergeven uw zonde en schuld,
Laat Hem toch in, laat Hem toch in.
Wenst u te leiden met liefde en geduld,
Laat Hem, o laat Hem toch in. (Laat Hem in.)
 
4 Jezus brengt licht in uw duister gemoed,
Laat Hem toch in, laat Hem toch in.
O kniel berouwvol en stil aan Zijn voet.
Laat Hem, o laat Hem toch in. (Laat Hem in.)