32 - Loflied na genezing van krankheid
 

Vers 1
      F                    C7           F
Mijn hart is één jubel, o, e-re zij 't Lam,
    Bes        F           C7
Dat al mijne krankheên en smart op Zich nam!
      F                            Bes
Geen pijnen, geen droefheid, geen traan meer of klacht!
      F          C7  F       C7            F
Mijn Jezus zij d' e-re: Hij heeft het volbracht!
Vers 2
Op 't kruishout droeg Jezus mijn krankheid en schuld.
Hij boette mijn zonden met teder geduld.
Nu jubel en zing ik in 't diepst van mijn hart:
Mijn Heiland zij d' ere, Hij droeg al mijn smart.
Vers 3
Genezen, genezen, o wonder, o vreugd.
Het lijden verwisseld voor innig geneugt.
Geen banden, vermoeidheid noch moed'loosheid meer.
Verlost, halleluja, door 't Bloed van mijn Heer.
Vers 4
Geloofd zij Zijn Naam, 'k geef mijn leven aan Hem.
Vol blijdschap en dank hoor 'k alleen naar Zijn stem.
Bij Hem vond ik heling, vernieuwing van kracht.
O, glorie voor Jezus, Hij heeft het volbracht.